Twee bruiklenen ‘ontaarde kunst’ uit Berlijnse opgraving in tentoonstelling oorlogsarcheologie

Twee sculpturen die in de jaren ’30 door de nazi’s als ‘ontaarde kunst’ in beslag waren genomen en zeven jaar geleden bij een opgraving in het centrum van Berlijn zijn gevonden, zijn te zien in de tentoonstelling Opgegraven strijd. Archeologie van de oorlog (28 januari t/m 14 mei 2017) in Het Noordbrabants Museum in ’s-Hertogenbosch. Het betreft Die Schwangere, een (beschadigd) terracottabeeld van Emy Roeder uit 1918, en het portret van de actrice Anni Mewes, de toenmalige vriendin van beeldhouwer Edwin Scharff, in brons gegoten rond 1920. De Berlijnse beeldhouwwerken illustreren de culturele terreur van het Derde Rijk en de bijzondere betekenis van archeologisch onderzoek naar vondsten uit de Tweede Wereldoorlog. Ze zijn in bruikleen gegeven door de Bondsrepubliek Duitsland en worden voor het eerst museaal buiten Duitsland getoond.

De opgraving bij het Rotes Rathaus
In januari 2010 voerden archeologen in het centrum van Berlijn, bij het ‘Rotes Rathaus’, een opgraving uit naar middeleeuwse sporen. Daarbij ontdekten ze metalen objecten die bij nadere bestudering moderne beeldhouwwerken bleken te zijn. Al snel werd duidelijk dat het ging om beelden die in de jaren ’30 van de vorige eeuw in beslag waren genomen door het naziregime, omdat ze niet voldeden aan de kunstcriteria van het Derde Rijk. Een aantal bleek zelfs te zijn geëxposeerd op de beruchte tentoonstelling Entartete Kunst die in 1937 in München werd geopend en daarna andere Duitse steden aandeed. Al in november 2010 werden elf gerestaureerde beelden en fragmenten opgesteld in het pas verbouwde en geopende Neues Museum in Berlijn, nu op een ereplaats.

Geroofd, verloren gewaand, bewaard gebleven
In de ogen van de nazi’s was vrijwel iedere vorm van moderne, en zeker van abstracte beeldende kunst ‘ontaard’ omdat deze kunstvormen geen uitdrukking gaven van wat onder de gezonde, ‘Arische’ bevolking leefde. Zeker modern werk van joodse kunstenaars werd als volksondermijnend bedrog gezien. In 1937 werden overal in Duitsland moderne werken uit musea gehaald en in beslag genomen. Een deel werd dat jaar tentoongesteld op de expositie Entartete Kunst, die als doel had het Duitse publiek te overtuigen van de minderwaardigheid van ‘niet-volkse’ kunstuitingen. Werken van beroemde kunstenaars werden daarna door het regime naar het buitenland verkocht; een klein deel werd teruggegeven, een ander deel werd vernietigd of opgeslagen. Daaronder waren ook de beelden die in 2010 zijn opgegraven. Ze werden opgeborgen in een gebouw aan de Berlijnse Königsstrasse (nu: Rathausstrasse), dat in 1944 bij een bombardement volkomen uitbrandde. Een onbekend aantal kunstwerken ging verloren. Een aantal beelden van brons, keramiek en beton viel door de brandende vloeren naar beneden en kwam in de kelder terecht. Daar bleven ze, hoewel ze verbrand en beschadigd waren, bewaard.

Grote indruk
De ontdekking van de ‘Berliner Skulpturenfund’ maakte in Duitsland grote indruk. Ze gaf een impuls aan de historische en kunsthistorische studie naar de rol van kunst en kunstenaars in het Derde Rijk. De beelden worden normaliter alleen als complete collectie uitgeleend. Bij hoge uitzondering kon Het Noordbrabants Museum twee beelden afzonderlijk in bruikleen krijgen voor de tentoonstelling Opgegraven strijd. Tussen de vele getoonde resten van wapens en uitrusting vertegenwoordigen de gerestaureerde maar zichtbaar gehavende beelden een bijzonder aspect van de nog jonge discipline van de oorlogsarcheologie.

Over de kunstenaars
Emy Roeder (1890-1971) werkte in expressionistische stijl. Ze ging in 1934 in Italië wonen en bleef daar tot na de oorlog. Tijdens haar afwezigheid was haar beeld Die Schwangere, waarvoor ze een prijs had gekregen, opgesteld op de Entartete Kunst-expositie. Na de oorlog zette ze haar carrière in West-Duitsland voort. Edwin Scharff (1887-1955) had na de Eerste Wereldoorlog een grote naam als beeldhouwer; hij was hoogleraar aan een kunstacademie. Vergeleken bij het werk van Emy Roeder doet zijn werk veel traditioneler aan, zoals de bronzen portretkop van Anni Mewes laat zien. Hij maakte in opdracht een portret van president Von Hindenburg en monumentaal werk dat ook nu nog in de openbare ruimte te zien is. Toch werden veel van zijn werken door de nazi’s in beslag genomen. Zijn atelier werd door de SS verwoest en hij kreeg zelf een beroepsverbod. Na 1945 kon hij zijn loopbaan hervatten.

Over Opgegraven strijd
De tentoonstelling Opgegraven strijd. Archeologie van de oorlog biedt voor het eerst een breed overzicht van archeologische vondsten die bij oorlogshandelingen of onder oorlogsomstandigheden in de bodem zijn terechtgekomen. De vondsten en hun context geven een uniek beeld van gewelddadig menselijk handelen van Steentijd tot Koude Oorlog. De tentoonstelling wordt op zaterdag 28 januari a.s. geopend met een uitgebreid programma van lezingen en rondleidingen. Deelname is gratis op vertoon van een entreebewijs. Vooraf reserveren voor deelname aan de activiteiten is niet nodig.

Geef een reactie