Bob Dylan – Tarantula

De invloed die Bob Dylan heeft gehad in de afgelopen 55 jaar is niet te ontkennen. De hoeveelheid artiesten die hij heeft beïnvloed is niet te tellen en hij wordt terecht vaak beschouwd als de grootste songwriter van de 20ste eeuw. Of eigenlijk de grootste dichter uit de popgeschiedenis want daarvoor werd hij vorig jaar terecht onderscheiden met de Nobelprijs voor de Literatuur. Terecht, omdat zijn songteksten veelal poëtisch zijn. Maar kritiek kwam er ook op de toekenning van de Nobelprijs, omdat sommigen het wel vreemd vonden dat iemand de prijs kreeg die maar twee boeken heeft geschreven. Waarvan ‘Chronicles: Volume One’ uit 2004 een autobiografie is, en zijn eerste boek ‘Tarantula’ een experimentele verzameling is van verhalen. Dat laatstgenoemde boek is afgelopen maand opnieuw uitgegeven door uitgeverij Nijgh & Van Ditmar.

Dylan schreef aan ‘Tarantula’ tussen 1964 en 1966. Op dat moment werkte hij aan de klassieke albums ‘Bringing It All Back Home’ en ‘Highway 61 Revisited’. Hij schaafde er behoorlijk aan, maar kondigde het boek tegelijkertijd regelmatig aan in interviews in die periode. Schrijfsels die hij in eerste instantie voor het boek had bedoeld werden zelfs in 1965 al gepubliceerd in twee Amerikaanse tijdschriften, maar juist die delen hebben uiteindelijk het boek niet gehaald. Toen Dylan in juli 1966 het fameuze motorongeluk kreeg liet hij het project jarenlang links liggen. Uiteindelijk verscheen het pas in 1971. Hij was overigens niet de enige popartiest die met een roman kwam; John Lennon publiceerde in 1964 met ‘In His Own Write’ en in 1965 met ‘A Spaniard In The Works’ ook twee verzamelingen met schrijfsels en schetsen.

Hoewel die boeken van Lennon ook geen literaire hoogstandjes waren zijn die wel makkelijker te volgen (ondanks de onzinnigheid van de verhalen) dan Dylan’s eerste roman. Wie er koud aan begint te lezen zal er waarschijnlijk aan touw aan kunnen vastknopen. Dylan maakt nauwelijks gebruik van interpunctie waardoor het overkomt als een warrige brei aan woorden van surrealisme. Hoe moet dit zijn geweest voor wie het boek in 1971 aanschafte? Zonder inleiding of bijbehorende uitleg.

Want dat krijgen we er wel bij in deze nieuwe uitgave. Erik Bindervoet en Robbert-Jan Henkes schreven er een uitgebreide toelichting bij. Vervolgens worden bijna alle ‘verhalen’ uitgelicht in een index en wordt er uitgebreid beschreven waar Dylan mogelijk op doelde. En dat verklaart een hoop. Dan wordt opeens duidelijk dat Dylan inspiratie haalde uit de meest uiteenlopen bronnen: o.a. Leadbelly’s ‘Black Betty’, de Bijbel, en het werk van Allen Ginsberg zijn daar slechts een paar voorbeelden van. Zo wordt opeens die brei aan onbegrijpelijke verhalen verduidelijkt.

Toch is ‘Tarantula’ echt bedoeld voor de doorgewinterde Dylan fanaat. Voor wie dat niet is heeft genoeg aan zijn platen en de eerder genoemde autobiografie ‘Chronicles’. Dat geeft een betere inkijk in de ziel van de grootste songwriter allertijden dan deze bizarre verzameling.

Uitgeverij:  Nijgh & Van Ditmar
ISBN: 978 90 388 0407 1

(3 / 5)